Pacific Crest Trail dag 65 – 67

9 juli 2019 2 Door Tim Stroeks

Dag 65 – maandag 3 juni
20,0 miles (mile 915,9 – mile 935,9) – 32,0 km

We lopen weer in ons vaste tijdvenster tussen 5.00 uur en 5.30 uur weg: vandaag in het midden rond 5.15 uur. Met twee passen voor de boeg, hoewel Island Pass ook als onderdeel van Donohue Pass gezien kan worden, staat er een lange klimdag op de planning. Gelukkig wandelen we de eerste paar mijlen goed door: met een tempo van zo’n 2 mijl per uur gaat het omhoog. Niklas vindt het echter nog een beetje langzaam gaan, dus hij neemt de leiding in de groep over en schakelt nog een versnelling hoger naar 2,5 mijl per uur: een strak tempo.
Nu ik het over Saint Nik heb: de afloop van zijn bevroren tenen is nooit besproken in de vorige blog. Zodra Saint Nik gedoucht had en zijn voeten gewassen waren, werd het één en ander duidelijk. Hij had zwarte vlekken op zijn tenen die ook aan de frostbite werden geweten. Onder de douche waren deze zwarte vlekken echter weggegaan. Het bleek dat hij de handwarmers, die hij die eerste dag tijdens de lunchpauze had gebruikt om zijn tenen op te warmen, in zijn schoenen had gestopt en de rest van de middag daarmee had rondgelopen. Naast de zwarte vlekken op zijn tenen, wijt hij nu ook de blaren aan deze actie, aangezien de handwarmers zijn voeten een stuk krapper in zijn schoenen plaatsten. Hoewel zijn grote tenen nog steeds een beetje verkleurd waren, bleek het gelukkig dus geen ernstige vorm van frostbite te zijn.
Weer vol trots rondstampend, leidt Niklas ons dus richting de top van Island Pass. Deze pas is vooral in het begin pittig, waarna het afwisselend vlak en vals plat naar boven loopt. Zo vlak dat we het niet eens meteen doorhebben als we op de top van de pas staan, aangezien het meer op een plateau lijkt waar we al een hele tijd overheen lopen. Dit bevestigt het idee van Island Pass als een voorpas van Donohue Pass en na een korte afdaling van 1,5 mijl, eten we onderaan onze lunch bij een riviertje. Vanaf hier loopt het na de lunch meteen 3,6 mijl omhoog naar de top van Donohue Pass.
We blijken onze benen van vanochtend nog niet kwijtgeraakt te zijn en met een strak tempo lopen we na onze tortilla’s naar boven. We hoopten gisteren om in ieder geval vóór 16.00 uur boven te zijn, maar het gaat zo snel dat we uiteindelijk om 13.30 uur op de top staan. Die doelstelling is behaald! Met het bereiken van deze top, hebben we de laatste pas van de High Sierra bedwongen. Er wacht ons echter nog genoeg sneeuw de komende tijd, ook op de iets lagere hoogte. Dat is ook wel gebleken uit de dag van gisteren waar we ondanks onze hoogte toch veel sneeuw tegengekomen zijn.
Met weer een steile eerste mijl beginnen we de afdaling. We zijn nu Yosemite National Park ingelopen en zien voor ons in de vallei Tuolomne River bulderen. Na een filterpauze, lopen we de laatste vier mijl geleidelijk naar beneden langs eerst een zijtak van Tuolomne River en tenslotte langs Tuolomne River zelf. Bij één van de kleinere rivieroversteken, vinden we een mooie tentplaats vol in de zon die dankzij ons tempo van vandaag nog volop schijnt.

Het is pas 16.30 uur als we op deze plek aankomen, wat betekent dat we onze spullen kunnen opdrogen in de zon en tijd hebben om even niks te doen en te hangen voordat het tijd is om te gaan slapen.
Omdat het morgen geen al te moeilijke dag lijkt te worden, we geen passen hoeven te beklimmen en we redelijk wat sneeuwvrije trail verwachten, besluiten we onze wekker iets later te zetten voor een vertrek om 6.00 uur, wat ondertussen al bijna als uitslapen voelt. Luxe!

Dag 66 – dinsdag 4 juni
20,2 miles (mile 935,9 – mile 956,1) – 32,3 km

Wanneer we vandaag iets na zessen vertrekken, schijnt de zon al in het dal. We lopen lekker veel over daadwerkelijke trail, met alleen hier en daar wat minimale sneeuwbedekking. Ondanks deze zegen, lijken de zes mijl naar Tuolomne Meadows echter niet al te snel voorbij te gaan en voelen we de klimmen van gisteren nog in onze benen. Als we uiteindelijk bij Tuolomne Meadows aankomen, lopen we daar wat rond op zoek naar het postkantoor en bezoekerscentrum, maar alles wat we vinden zijn een paar verlaten, dichtgetimmerde gebouwtjes. Lopend over de eveneens verlaten sneeuwvrije asfaltweg omgeven door deze verlaten gebouwen, voelt het opeens alsof we in een post-apocalyptische wereld zijn beland. Duidelijk dat hier geen informatie in te winnen is, lopen we weer de trail op. Niet nadat we eerst ons afval hebben weggegooid echter, wat altijd als een geluksmomentje aanvoelt op de trail.
We passeren al snel Soda Springs, waar koolzuurrijk water uit de grond opborrelt en vervolgen daarna het pad naar Tuolomne Falls. Deze zes mijl gaan een stuk sneller voorbij dan de eerste zes en na de overstroomde brug te zijn overgestoken, stoppen we onderaan de Tuolomne Falls voor onze lunchpauze, met een schitterend uitzicht.


Zodra we de trail weer opzoeken, wordt meteen pijnlijk duidelijk dat we vandaag nog niet geklommen hebben. De trail loopt na de waterval omhoog en onze benen lopen meteen vol, wat het tempo flink laat zakken. Na een korte pauze, gaat het echter weer beter en terug op ons normale Sierra-tempo van 2 mijl per uur, maken we de rest van de klim af.
De afdaling loopt ook voorspoedig totdat we opeens voor een bulderende, snelstromende beek staan. We vinden het te gevaarlijk om de beek over te steken, dus besluiten we de beek stroomopwaarts te volgen in de hoop een betere waadplaats of, nog beter, een sneeuwbrug te vinden. Na zo’n kilometer omhoog en van de trail weg lopend, vinden we deze sneeuwbrug. Blij dat we onze voeten droog kunnen houden, steken we over en dalen we weer terug af naar de trail. Nog geen mijl verder, staan we echter opnieuw voor een diepe, snelstromende beek en aangezien het al 18.30 uur is ondertussen, besluiten we onze tenten hier maar op te zetten en deze beek morgen over te steken. Aangezien deze beek, Return Creek, een stuk breder is dan de vorige, achten we de kans bijna nihil dat we een sneeuwbrug vinden die volledig over de rivier loopt en sterk genoeg is om ons te houden. De gedachte achter ons kamp opzetten vóór de rivier in plaats van na de rivier, is dat we hopen dat het waterpeil zakt ‘s nachts, omdat de sneeuw stopt met smelten vanwege dalende temperaturen. Niemand kijkt echter uit naar een oversteek in de vroege ochtend, zeker niet als het waterpeil nog zo hoog is als nu, dus we hopen allemaal dat de gok in ons voordeel uitvalt.

Dag 67 – woensdag 5 juni
16,9 miles (mile 956,1 – mile 973,0) – 27,0 km

Het goede nieuws is dat iedereen vandaag om 5.00 uur mooi op tijd klaarstaat om te vertrekken. Het slechte nieuws is dat het waterpeil niet is gezakt tijdens de nacht en dat we nu in de vroege ochtendduisternis voor een te snelstromende en diepe beek staan om over te kunnen steken. We lopen dus weer stroomopwaarts om op zoek te gaan naar een geschikte oversteekplaats. Na anderhalve mijl hebben we echter nog steeds geen écht goede plek gevonden, dus we besluiten voor de minst linke oversteekplaats die we tot nu toe hebben gezien te gaan. Hoewel de rivier hier nog steeds redelijk snel stroomt, is het niet al te diep, waardoor we onze kansen op een succesvolle oversteek positief inschatten. We zien allemaal echter ook dat het geen ideale oversteekplaats is, met name in de eerste paar meters stroomt de rivier snel. We besluiten dus twee aan twee over te steken en met onze armen in elkaar gehaakt, waden we door de rivier. Met de zon nog achter de bergen, waardoor de kou van de nacht nog in het dal hangt, is het ijskoud. Met name uit het water stappen en weer op droog land staan, laat de benen aanvoelen alsof er duizend naalden in geprikt worden. We doen snel onze schoenen weer aan en lopen met een hoog tempo terug naar de trail en over de trail verder om zoveel mogelijk op te warmen. Net wanneer we een mijl over de trail bergop voltooid hebben en enigszins opgewarmd zijn, staan we echter weer voor een nieuwe beek. Dit is Spiller Creek, die we, zoals het ernaar uitziet, ook weer moeten doorwaden. Net als met de vorige twee rivieren, lopen we weer een hele tijd stroomopwaarts langs de rivier omhoog, de trail verlatend, tot we een kilometer verderop een goede waadplaats vinden. Het water stroomt hier rustig en de beek is ondiep, dus door deze relatief gemakkelijke oversteek, staan we niet veel later aan de overkant. Bovendien komen de eerste zonnestralen eindelijk boven de bergtoppen uit, waardoor het niet zo extreem koud aanvoelt wanneer we het water uitstappen als bij de vorige beek. Nog steeds koud, maar geen duizend naalden meer.
Door deze twee oversteken, zijn we veel tijd kwijtgeraakt. We hebben pas één mijl van de trail gelopen, maar zijn al twee uur bezig zodra we onze schoenen aan de andere kant van Spiller Creek weer hebben aangetrokken en weer beginnen met lopen. Gelukkig komen we de rest van de beklimming geen beken meer tegen en ook de afdaling verloopt zonder problemen. Onderaan de afdaling, wacht ons echter een nieuwe oversteek: Matterhorn Creek. Dit keer hoeven we geen extra meters te maken voor een goede oversteekplaats en niet veel later staan we allemaal aan de overkant, onze voeten opdrogend in de nu goed brandende zon.
Een mijl verderop is het dan tijd voor pauze, aan de voet van Benson pass. Mentaal is het zwaar om te realiseren dat we aan het lunchen zijn en pas zes mijl gedaan hebben, terwijl er nog tien mijl voor ons ligt voor vandaag: we zijn nog niet eens op de helft van de op papier vrij korte dag.
De eerste uren na de lunch blijken echter prima te doen en met een paar heel steile stukken recht omhoog door de sneeuw, de trail afkortend, schieten de mijlen redelijk op. Rond 15.00 uur bereiken we de top van Benson pass, waarna het nog zes mijl afdalen is tot onze beoogde kampplaats.
Onder leiding van Saint Nik, lopen we de eerste twee mijl in veertig minuten naar beneden, waarna ook de rest van de afdaling, hoewel iets langzamer, redelijk opschiet.
We denken, afgaand op Guthook’s, dat ons echter nog twee oversteken te wachten staan onderaan de afdaling. Althans, twee beken en drie oversteken, aangezien één beek twee vertakkingen heeft die we beide over moeten steken. Gelukkig heeft de eerste oversteek, de rivier met de twee vertakkingen, een boomstam over beide vertakkingen liggen. Zonder natte voeten steek ik over, terwijl ik aan de andere kant van de rivier wacht op de rest. Wanneer Little Skittle aan de oversteek begint, verstijft ze echter halverwege de boomstam door de bulderende rivier onder haar. In een gespannen pose, staat ze een minuut of twee stokstijf op de boomstam, tot haar benen het tenslotte begeven onder de spanning. In een flits zie ik haar al verder stroomafwaarts door de rivier meegesleurd worden, maar “gelukkig” valt ze op de boomstam. Tussen aanhalingstekens aangezien ze vol op een uitstekende tak valt en haar gezicht op de boomstam terug omhoog stuitert. Niklas trekt haar snel van de boomstam het vasteland op, waardoor ze even veilig kan zitten en bij kan komen: het is niet de dag van Little Skittle. Ze liep al de hele dag rond met keelpijn en een snotneus en nu heeft ze niet zachtzinnig kennis gemaakt met een boomstam…
Nadat ze enigszins is bijgekomen, lopen we verder naar Piute Creek en hoewel we nu al aardig wat gewend zijn wat betreft rivieroversteken, schrikken we wanneer we Piute Creek zien. Het is geen snelstromende beek, maar het is zo diep dat we de bodem niet kunnen zien en de beek is duidelijk buiten zijn oevers getreden. Van onze kant naar de overkant is minstens twintig meter en we hebben even geen idee hoe we in godsnaam aan de overkant moeten komen.
We volgen ons bekende plan en lopen een tijdje stroomopwaarts, maar we komen er al vrij snel achter dat het een hele tijd kan gaan duren voordat we een goede plek vinden. Tijd die we niet echt hebben, aangezien het al vrij laat is en de zon langzaam achter de bergen begint te verdwijnen.
We vestigen onze hoop daarom op een paar boomstammen, die voor een groot gedeelte, maar niet volledig de rivier bespannen. De boomstammen bevinden zich echter deels onder water en het is niet duidelijk of ze drijven (en dus zinken zodra wij erop stappen) of ergens op leunen zodat we er ook daadwerkelijk gebruik van kunnen maken. Er is maar één manier om daarachter te komen, dus doe ik mijn wandelschoenen uit, mijn waterschoenen aan en loop ik de eerste boomstam op. Voor de eerste meters heb ik een duidelijk idee: volg de eerste boomstam tot het einde, stap daar over op de verzameling drijfhout/boomstammen die naar links lopen, vanwaar ik op de laatste dunne boomstam kan stappen richting het einde. Deze laatste boomstam loopt niet tot droog land, dus ik zal daar moeten hopen op een mogelijkheid om het vasteland te bereiken. Vanaf de kant waar wij staan, is dit niet te zien, dus ik weet daar pas of het mogelijk is om de oversteek überhaupt te maken.
Hoewel de eerste boomstam onder water ligt, gaat het oversteken goed en voor ik het weet, ben ik bij het drijfhout waar ik ook gemakkelijk overheen kan lopen. Dan hebben we de eerste uitdaging. De laatste boomstam blijkt voor de eerste twee meter ongeveer 70 cm onder water te zijn, waardoor oversteken niet mogelijk is. De boomstam zakt weg zodra ik er een voet opzet en de stroming wil me meenemen de rivier in, dus ik zal een andere oplossing moeten verzinnen. Na mijn hersens even gekraakt te hebben, kom ik met het idee om het drijfhout te gebruiken. Ik zoek de dikste stok uit en leg deze op het drijfhout en op één van de takken van de rechtopstaande boom verderop neer. Het plan is om hierop te leunen en deze stok als reling te gebruiken om de eerste twee meter te overbruggen. Het klinkt gammeler dan het is en niet veel later loop ik, boven water nu, naar het einde van de boomstam. De rivier is hier gelukkig niet meer diep, dus met een laatste paar meter waden, kom ik dan eindelijk aan de overkant. Wat een oversteek!
Van onze eerste aankomst bij Piute Creek totdat we allemaal aan de overkant staan, kost ons ongeveer twee uur, inclusief het op en neer lopen op zoek naar een oversteekplaats verderop.

Nu zijn we dan toch echt klaar voor de dag en na wat laatste moerassige honderden meters, loopt de trail wat omhoog naar droger gebied waar we op het eerste vlakke stuk meteen stoppen en onze tenten opzetten. Het is al 20.00 uur en na een dag met veel natte voeten en redelijk wat klimwerk, heeft iedereen het wel gehad voor vandaag. Er wordt snel eten gemaakt voordat we onze warme slaapzakken opzoeken en gauw dromen over warmere en drogere plaatsen.

Bedankt voor het lezen!

Davy Jones